Lest best
Ok, vandaag vertrokken we uit Kelowna. Ed was zijn portefeuille kwijt. Da’s lastig, als je paspoort, je geld en je creditcards daar in zitten. Alle bagage tweemaal doorzocht: niks. Terug naar de kamer: ook niks. Weer naar de motor.. wat blijkt: heeft Ton hem in zijn zak gestoken. Wow, gelukkig is hij weer boven water. Voordeel is wel, dat het inmiddels lekker warm is. We kunnen meteen met t-shirts onderweg.
Vandaag hebben we een vrij lange afstand te gaan. Maar het is wel een weg zoals we dat willen: bochten, bochten, bochten. Snelle en langzame, scherpe en flauwe. Iedereen geniet met volle teugen. Ook de zijkanten van de banden worden gebruikt, gelukkig. Anders slijt het allemaal zo eenzijdig.
We drinken koffie en nemen een stuk appeltaart in Hedly. De serveerster gedraagt zich alsof ze het niet erg naar haar zin heeft, dus we gaan maar snel weer verder. Het asfalt roept, tenslotte. Bij Hope tanken we maar weer eens en nemen we een sandwich. Vervolgens gaan we de snelweg op. Dat is nog geen sinecure, want de oprit heeft een venijnige bocht in petto voor ons. Maar ook dat verloopt goed.
Uiteindelijk komen we rond 16:30 aan in White Rock, een voorstad van Vancouver. Het hotel kon onze reservering niet vinden, want die bleek op de vorige week te zijn gemaakt. Tenslotte kwam het toch weer goed. Ted woont hier. We drinken wat bij hem thuis en gaan dan eten bij een lokaal restaurant, the Side Show. Jody is leuk, maar het duurt allemaal veel te lang. De terrasheaters brengen uitkomst, wanneer we het koud krijgen. Uiteindelijk brengt Ted ons weer naar ons hotel Pacific Inn. Rond 22:30 gaan we naar bed. Morgen gaan we om 05:30 rijden.
